In Saint-Jean Pied de Port eindigt de 880 km lange voie de Vézelay ook bekend als Via Lemovicensis. Maar ook de voie du Puy, de voie de Tours en de voie d’Arles eindigen hier. Anderzijds vertrekt hier de Camino Francès de populairste pelgrimsweg door Spanje. Vele pelgrims maken van deze plaats hun vertrekpunt. Daarenboven is dit grensstadje enorm toeristisch. Terecht want elk hoekje en kantje is een schilderijtje. Een levendig schilderijtje want al die toeristen én pelgrims verdringen zich in de nauwe straatjes vol souvenirwinkeltjes, sportzaken, horeca en wat nog allemaal. Maar ’s morgens vroeg, als het nog donker is, lijkt het op een strand met pas uitkomende waterschildpadjes. Uit alle pelgrimsherbergen verdeeld in de stad (en het zijn er nogal wat) reppen de gemotiveerde, perfect uitgedoste wandelaars zich in één richting, de Camino.

Ikzelf en wellicht nog een paar enkelingen hebben gekozen om niet de Camino de Francès maar wel de Camino del Norte te stappen. Deze route die langs de kust loopt draagt mijn voorkeur weg om drie redenen. Het is er, door de zeebries, nooit zo warm. Ik heb wel eens graag gezelschap maar de Francès is zo druk bewandeld dat het op een processie lijkt. Liever niet zo druk voor mij. En een laatste argument zijn de prachtige kustlandschappen. Er zijn weliswaar heel wat hellingen te overwinnen en dit is fysiek niet de lichtste route. De satellietbeelden tonen een mooi groen randje en dit betekent dat ik af en toe wat regen mag verwachten.
Alvorens ik echter aan de Camino del Norte kan beginnen moet ik in de noordoostelijke Spaanse stad Irun zien te geraken. De verbindingsweg naar deze stad is ook een officiële Weg, de Voie Nive. Bestaat uit drie of vier etappes, te kiezen naargelang de conditie. Dit betekent dat ik het Frans Baskenland doorkruis en de Pyreneeën letterlijk links laat liggen.


Geef een reactie